juli 2026
Actueel Diepeveengebouw
Handelmaatschappij W.B. Diepeveen & Co. werd in 1903 in Rotterdam opgericht: het bedrijf begon oorspronkelijk in oliën en smeermiddelen voor de opkomende moderne scheepvaart en machine-industrie in Rotterdam. In een tijd waarin havenschepen, kranen en treinen overgingen van pure mankracht naar stoom en vroege verbrandingsmotoren, leverde Diepeveen de nodige oliën om de haveninfrastructuur letterlijk draaiende te houden. Diepeveen zag tijdig in dat de havenbedrijven veel meer behoefte kregen aan constructiematerialen. Hij bouwde het bedrijf daarom succesvol om tot een groothandel in zware ijzerwaren, gereedschappen en buizen. In 1926 opende het bedrijf een magazijn aan de Pelgrimsstraat, bewust aan de rand van het Rotterdamse Merwe-vierhavengebied, vanwege de optimale logistieke infrastructuur voor zware industriële goederen. Rotterdam was als snelgroeiende wereldhaven de ideale aanvoerroute om deze zware materialen per schip te importeren.
Nadat Willem Diepeveen in 1928 de exclusieve Nederlandse vertegenwoordiging verwierf van de belangrijkste buizenproducent van Groot-Brittannië, volgde de bouw van het monumentale kantoorcomplex met de iconische 30 meter hoge reclametoren aan de Pelgrimsstraat. Eerder al had Diepeveen daar een magazijn voor opslag geopend. De locatie bood de unieke kans om een privé-spoorlijn direct achter het bedrijfspand aan te leggen. Hierdoor konden de loodzware ijzerwaren en buizen vanuit het magazijn rechtstreeks in treinwagons worden gehesen voor distributie naar het Nederlandse achterland. Hiermee bediende het bovendien de opkomende tankopslag- en petrochemische bedrijven in de havens met transportsystemen voor vloeistoffen: voor veel kleinere havengebruikers en industriële bedrijven was het onmogelijk of te duur om zelf ijzerwaren en zware buizen rechtstreeks uit Groot-Brittannië of Duitsland te importeren.
Willem Kromhout
Architect Willem Kromhout kreeg de opdracht een kantoorgebouw te ontwerpen voor Diepeveen. Hij kreeg te maken met een lastige ontwerpopgave: een smal, scherp toelopend, driehoekig terrein. Hij loste dit meesterlijk op door de vorm van het gebouw de lijnen van de straat te laten volgen.
Het Diepeveenpand wordt gekenmerkt door een opvallende kubistisch-expressionistische stijl. Het gebouw valt op door het robuuste, donkere baksteenwerk en de strakke geometrische vormen. Het meest opvallende element is de 30 meter hoge, slanke toren op de scherpe punt van de driehoek. Deze had een dubbelfunctie: het herbergde het trappenhuis én diende als monumentale drager voor de lichtreclame van de firma. Dit type ‘reclametorens’ was destijds erg modern.
Kromhout speelde met de textuur van de donkerbruine en paarsachtige bakstenen door ze verticaal en horizontaal af te wisselen. Hierdoor ontstonden diepe schaduwlijnen en een robuust, industrieel reliëf.
De kantoorverdiepingen kregen strakke, doorlopende raampartijen (vensterstroken) met houten kozijnen. Dit zorgde voor maximaal daglicht op de werkvloer, destijds een belangrijk kenmerk van de moderne architectuur.
Kromhout ontwierp het pand als een driedimensionale puzzel. De punt verving het kantoor en de toren, het brede middendeel was het magazijn met de laadzones voor vrachtwagens en treinen, en de bovenste verdieping deed dienst als dienstwoning.
Vertrek Diepeveen
Na decennia als zelfstandige ijzerhandel te hebben geopereerd, verliet Diepeveen in 1973 het pand in Delfshaven. Het bedrijf fuseerde in 1972 met twee andere historische Nederlandse handelsbedrijven: de Firma H.E. Oving Jr. (opgericht in 1875) en Struycken & Co NV (opgericht in 1900). Samen vormden zij de bekende staal- en materialengroothandel ODS B.V. (Oving-Diepeveen-Struycken).
Na het vertrek van Diepeveen volgde er een periode van jarenlange leegstand en verwaarlozing. In 1989 onderging het een uitwendige restauratie om het verval te stoppen. Hoewel niet alle structurele problemen (zoals roestend gevelstaal) destijds grondig werden aangepakt, werd de unieke cultuurhistorische waarde wel erkend. Het pand kreeg de status van rijksmonument. Omdat bij de uitwendige restauratie het staal in de gevels niet is vervangen, is er nu veel schade aan de gevels door het staal dat al jaren roest en uitzet.
De laatste jaren is het gebouw in gebruik als (tijdelijke) kantoor- en bedrijfsruimte. In het aangrenzende bouwdeel dat niet tot het monument behoort zijn de belangrijkste gebruikers De Huidenclub (met diverse programmeringen en studioruimtes) en Schot Coffee Roasters.
Het gebouw grensde aan een braakliggend terrein wat in 2023 door Dudok Real Estate en Dura Vermeer is ontwikkeld tot een ruim opgezet woongebied dat de omliggende buurten verbindt. Deze partijen hebben Stadsherstel benaderd om het deel dat rijksmonument is te kopen met een restauratieverplichting.
Het complex is een van de weinig overgebleven gebouwen uit die tijd dat nog de geschiedenis van de haven vertelt. Met name door de bouw van de woningen (nu bekend als de wijk Schiemond) in de jaren tachtig op het haventerrein, de aanpassing van de Vierhavenstraat naar een drukke doorgaande weg en het bouwen van woonwinkels – Big Shops- op een voormalig rangeerterrein, is er weinig meer herkenbaar van het havengebied.
Alleen al door het behoud van het gebouw blijft de historische context van het ooit maritieme gebied duidelijk voor omwonenden, Rotterdammers en bezoekers. Vervolgens kan Stadsherstel Rotterdam meer doen aan het “weten en beleven”, door bijvoorbeeld mee te doen aan de Open Monumentendagen en het organiseren van themabijeenkomsten en samenwerking met onze huurders.
Restauratie en verbouwing
Op de eerste plaats is een restauratie van het casco hard nodig. De gevels en de reclamezuil verkeren in zeer slechte staat doordat er lange tijd geen onderhoud is uitgevoerd. Dat geldt niet alleen voor de houten kozijnen maar ook voor het metselwerk dat door roestende lateien veel scheuren en kapotte delen laat zien. De reclamezuil kent een stalen frame aan de binnenzijde, maar die is op verschillende plekken doorgeroest waardoor ook de constructieve veiligheid niet volledig geborgd is.
Naast behoud wordt ook ingezet op het doorbreken van de leegstand. In het naastgelegen bouwdeel is Schot Coffee vanuit tijdelijk gebruik gestart. Deze koffiebrander van kwaliteitskoffie doet het inmiddels zo goed dat deze kan doorgroeien naar een nieuwe functie voor de begane grond van het rijksmonument. Stadsherstel Rotterdam en Schot Coffee hebben dit verkend en hier principe afspraken over gemaakt. Dit zorgt niet alleen voor werkgelegenheid maar ook voor publiekstoegankelijkheid. Er kan namelijk koffie worden gekocht en gedronken in het gebouw en veel mensen weten Schot Coffee nu al te vinden.
Voor de verdieping wordt nog gezocht naar een huurder.
Reclamezuil
Stadsherstel ziet ook een mooie rol voor de reclamezuil, destijds door Kromhout ontworpen om het bedrijf goed zichtbaar te maken. Maar het had ook een uitkijkpunt bereikbaar via een smalle trap in het torentje. Een mooie plek om een belangrijke klant mee naar toe te nemen voor het uitzicht over de stad en de haven. Hoe mooi zou het zijn als een groepje bezoekers de toren kan beklimmen en over de wijk Schiemond kan kijken om te ervaren hoe dichtbij de Lekhaven ligt en dat het gebouw onderdeel uitmaakte van een maritiem gebied. Samen met Schot Cofffee wordt onderzocht of er een “klimtour” kan worden georganiseerd, die gecombineerd kan worden met een koffieproeverij, waarbij een gids meer vertelt over de historische context: koffie is een belangrijk product geweest voor de haven.